In het schilderachtige dorpje Nigüelas, gelegen in de Valle de Lecrin in de provincie Granada, draait alles om het leven in een rustig tempo. De inwoners worden er ‘los lentos’ genoemd. Hier, te midden van de adembenemende schoonheid van Andalusië, wordt elke minuut gekoesterd. En in de lokale barretjes wordt een bijzonder bier geschonken dat perfect past bij deze levensstijl: Lento, een creatie van de Belgische ondernemer Christoph. Samen met zijn vrouw baat hij langs de toegangsweg naar het dorp een alquería uit. Dat is een typische naam voor de streek van Granada en verwijst naar een woonkern rond een boerderij die zich in de buurt van een stad bevindt.

De wereldreiziger die zich settelde.
De avonturen van Christophe zijn even wild als zijn krullerige haardos. Zijn curriculum leest meer als een reisgids. Hij is bouwkundig ingenieur van opleiding en begeleidde onder meer projecten in Venezuela, Guinea, Italië, Duitsland en Ibiza. Van veestallen tot golfresorts en bioscoopcomplexen, het staat allemaal op zijn C.V. Die bioscoop bouwde hij voor Kinepolis in Granada. Na dat project besloot hij dat het tijd was om zich te settelen. Want in Peru had hij zijn hart aan de Nederlandse Rosan verloren, en in Granada was hij eerder al verknocht geraakt aan de Spaanse manier van leven. Lento, lento, weet je wel.
Hij knapte een huisje in Nigüelas op maar plots lonkte er om de hoek toch weer een nieuw en groter avontuur. Met al zijn ervaring zou je verwachten dat hij zelf een nieuwbouwproject zou realiseren, maar neen. Hij viel voor de charme van een 16de eeuwse graanmolen.

Een eeuwenoude graanmolen zonder vergunningen
La Alquería stond te koop. Een plek waar hij vaak over de vloer kwam en goede herinneringen aan bewaarde. Een klein plattelandshotelletje met zo’n 14 kamers in de schaduw van de Sierra Nevada. Een idyllisch plekje met een grote olijfboomgaard, kronkelende waterpartijen en een goede reputatie. Christoph wilde graag een bod doen. Zijn ouders hadden allebei een link met de horeca en blijkbaar kriebelde dat beestje ook in zijn bloed.
Gelukkig zat er in zijn bloed ook genoeg zakelijk instinct want hij besloot om eerst alles goed uit te pluizen voor hij zijn bod deed. En ja, zoals dat vaker gaat in Spanje was er van alles loos met de vergunningen. Of ze waren er gewoon niet. Gelukkig konden zijn vroegere contacten uit de bouwsector hem goed helpen om alles uit te klaren en na twee jaar onderhandelen en administratieve rompslomp kon hij eindelijk een definitief bod doen en werd de wereldreiziger een hotelmanager.
Spaanse smaken in Belgisch bier
Maar waar komt dat bier nu vandaan? Poppy, het dochtertje van Rosan en Christoph werd nog voor hun definitieve vertrek naar Spanje in België geboren en om dat te vieren brouwden ze voor vrienden en familie een eigen bier dat haar naam kreeg. Gebaseerd op de stijl van een bekend Belgisch biertje maar met extra ingrediënten van al de landen waar Christophe werkte en woonde. Het bier viel zo in de smaak dat Christoph er een Spaanse versie van maakte om in het hotel te serveren. Hij voegde er lokale kruiden aan toe maar liet de cocabladeren uit Zuid-Amerika weg uit het oorspronkelijke recept. Kwestie van de drugspolitie niet over de vloer te krijgen. Het bier bevat nu ondermeer groene en zwarte thee, hibiscus, kaasjeskruid, rozen, gedroogde rode chilipeper, gedroogde rozenbottels en maanzaad. Een Fransman brouwt het gerstenat in het nabijgelegen Padul waar hij nog een 8-tal andere ambachtelijke bieren in zijn vaten heeft.

Bergtopper op de menukaart
Dat Christoph een bierliefhebber is merk je aan de drankenkaart in het restaurant. Er staan zelfs volle flesjes van het beroemde en exclusieve trappistenbier West-Vleteren op de oude houten balken van de molen. Volgens het krijtbord in de zaak zelfs ‘la mejor cerveza del mundo’. Bier is zowat het enige geïmporteerde product want voor de rest doet Christophe aan milieuvriendelijk toerisme. Ze kweken hun eigen groenten, hebben hier kippen lopen, persen ook hun eigen bijzonder smaakvolle olijfolie en proberen ook lokale mensen een job te geven. Daarnaast is er elke maand een artisanale markt waar dorpelingen hun zelfgemaakte producten kunnen verkopen.

Proef de passie van Andalusië
’s Avonds schuif ik aan tafel in het knusse restaurant dat in de graanmolen is gebouwd. Het is zeer gewaardeerd in de streek en kreeg zelfs een erkenning van de Repsol-gids. Terecht. Ik mag er proeven van heerlijke huisgemaakte kroketjes die een duidelijke knipoog maken naar de Oostendse garnaalkroketten. Nog een blikvanger op de kaart: vaca pajuna. Een lokaal runderras dat hoog in de bergen kan grazen en daardoor een typische smaak heeft.
Wanneer ik aan het dessert wil beginnen komt er een man met West-Vlaams accent bij mij aan tafel geschoven. Het blijkt de papa van Christoph te zijn. Hij is zijn zoon naar Spanje gevolgd en huurt een appartementje in Torrox-Costa. Maar net als alle grootvaders komt hij regelmatig op de kleinkinderen passen. Hij krijgt dezelfde beloning als ik op het einde van de werkdag: de huisgemaakte tiramisu. We raken aan de praat met Nederlandse dames naast ons aan tafel. Die logeren hier omdat ze ’s anderendaags willen gaan skiën in de Sierra Nevada. Ze begrijpen het Vlaamse accent wat moeilijker want de papa praat nogal snel. Maar daar hebben ze hier in Nigüelas een oplossing voor. “Lento, lento” roept één van de dames. De ober heeft het anders begrepen en doet de glazen nog eens vol. Maar dat vinden we niet erg. Schol!

Alquería de los Lentos
Slechts 20 minuten van de Middellandse Zee en 30 minuten van de historische stad Granada en het beroemde Alhambra.
De authentieke maalstenen en sloot van de 16e-eeuwse graanmolen zijn nog zichtbaar. De 14 kamers liggen rondom de patio en in de tuin. Zwembad, jacuzzi en sauna zijn ook aanwezig.



